Afscheid

ZES WOORDEN MET BEELD - EINDE OEFENING

======================

Geschreven voor het afscheidsthema van Zes Woorden Met Beeld.
De serie stopt nu. Dank aan alle deelnemers. Het was mij een waar genoegen!

Hier kun je alle verhalen van een jaar zes woorden met beeld nalezen.

Zes woorden met beeld – EINDE

Een jaar geleden, op 16 april 2011 bedacht ik zes woorden met beeld. Ik vond het leuk om te merken dat zoveel medebloggers de uitdaging met mij wilden aangaan, maar aan alles komt een einde en het wordt tijd voor iets nieuws. Daarom hieronder mijn laatste (voor de hand liggende) thema voor een compleet verhaal in zes woorden met een illustratie.

AFSCHEID

Hier vind je de bijdragen van
MARION DRIESSEN   definitief
 BRENAZET    tweemaal een afscheid
MELODY   oorlogsverhaal
SMIJLING  houdt niet van afscheid nemen
ST@@RTJE  dubbel smakelijk
LENJEF stuurt in: HUN RELATIE BRAK IN ONGELIJKE STUKKEN
INUZZ    einde zonder afscheid
GERBELMER   politiek vaarwel?
ALBERT&MARA   twee verhalen, één poes
ASSYKE  het geraamte blijft achter
APIEDAPIE  in de voetsporen van Ernest Hemingway
DAGENDAUW    verdronken vlinder?
APPELVROUW   het verdriet blijft
VROUWKE   erg toepasselijk einde
MARK   staircase to heaven
TRUUS  wrang actueel
MARJA   Europese geschiedenis
MARJELLE  Onbedoeld afscheid
JOKEZELF  Sweet goodbyes

 ===========================================

Hier vind je meer uitleg over het hoe en het waarom van zes-woorden-met-beeld en links naar zes-woorden-verhalen over eerder opgegeven thema’s.

Drie moordverhalen met beeld

1- Wie? Waar? Wanneer? Neee! Waarmee? Waarom?

foto van radio nederland wereldomroep rnw.nl

 

 

============================

2- Sherlock legt subliem de ingewikkeldste verbanden.

plaatje van deinspiratiekamer.nl 

 

 

============================

 3- De Arsenicum werd hem uiteindelijk fataal

eigen foto 

 

Geschreven voor  Zes woorden met beeld - thema detective

Grote blokken

Ik mag als eerste kiezen. Blij loop ik naar de blokkenhoek. “Nee,” zegt juf, “alleen als de jongens niet met blokken willen, mogen de meisjes. Meisjes kiezen de poppenhoek.  Dat is ook leuk.” Ik schud mijn hoofd. Ik heb zelf poppen en die zijn stom. Ik ga liever spelen of een boekje lezen. Ik heb ook blokken, maar geen grote om bruggen te bouwen en huizen zo groot als ikzelf. Tranen springen in mijn ogen. Ik bijt op mijn onderlip.
Juf zegt dat ik mag schilderen op de ezel. Schoorvoetend loop ik naar het keukentje. Ik doe een plastic schort voor, pak penselen en verf, en een jampot met water.

Eenmaal bezig, vergeet ik het rumoer om me heen. Met gefronste wenkbrauwen en bijtend op het puntje van mijn tong, kwast ik erop los. Ineens draven drie jongetjes door de klas. Ze lopen mijn ezel omver! Verf stroomt over de vloer. Ik gil en deins achteruit, tegen een andere ezel. Een kind schreeuwt. Ze slaat en schopt me. Ik duw haar terug zover ik durf, want van mijn moeder mag ik wel pestjongetjes slaan, maar dít is een meisje.

Intussen ligt mijn schilderstuk als een dweil op de grond. Met grote ogen kijk ik naar het krijsende kind. Ze staat nu op mijn werk te stampen: “Jouw schuld!” huilt ze.
Een harde hand in mijn nek. Ik probeer los te komen, maar juf pakt mijn arm en sleurt me naar de deur. “Naar buiten”, zegt ze boos, “kinderen die de boel op stelten zetten, kunnen we niet gebruiken!” De deur sluit met een harde klap. Ik duik tussen de jassen aan de kapstok. Tranen stromen over mijn wangen, uit mijn neus lekt snot. Ik veeg het weg met mijn mouw. Ik wil niet meer naar school. Waar is mijn moeder?